Bevolking Bosnië-Herzegovina

Samenstelling en spreiding

Vóór de burgeroorlog van 1992-1995 bestond 44% van de bevolking uit Bosnische moslims (nu Bosnjakken), 31% uit Serviërs, 17% uit Kroaten, 6% uit 'Joegoslaven' en voor de resterende 2% uit Montenegrijnen, Roma, Albanezen en Oekraïners.

De verschillende bevolkingsgroepen woonden verspreid over het hele land en er bestonden vooral in de grotere steden veel gemengde wijken.
Ná de oorlog zochten de verschillende bevolkingsgroepen elkaar meer op: de Bosnjakken (48%) wonen vooral in het noordwesten en in het centrum, de Kroaten (14%) in het westen, het uiterste noordoosten en in het centrum, de Serviërs (37%) in het noorden en het oosten.

Men denkt dat als gevolg van het oorlogsgeweld en de politiek van etnische zuivering in de oorlog, meer dan de helft van de toenmalige bevolking van huis en haard verdreven werd. Meer dan 250.000 vluchtelingen zijn gedood of worden vermist. Ongeveer 1,3 miljoen mensen vluchtten binnen Bosnië-Herzegovina en 1,2 mensen vluchtten naar het buitenland.

Na de oorlog keerden velen weer terug, maar stuitten op nieuwe moeilijkheden. Vluchtelingen die terugkeerden naar plaatsen waar hun etnische gemeenschap in de meerderheid was, hadden nog het minste probleem. Mensen die echter terugkeerden naar gebieden die door de oorlog een andere etnische meerderheid hadden gekregen, waren daar nu in de minderheid.

Ook van de overheid hadden deze mensen weinig te verwachten. Jonge gezinnen met kleine kinderen trokken massaal van het platteland naar de stad. Vanaf de ondertekening van het Dayton-akkoord eind 1995 tot eind februari 2002 keerden 834.000 vluchtelingen terug. Men schat dat ongeveer 700.000 mensen nooit meer zullen terugkeren naar Bosnië-Herzegovina.

Veel gezinnen zijn onvolledig doordat de man is omgekomen; vrouwen en kinderen zijn vaak zwaar getraumatiseerd. Hulp voor deze mensen schiet tekort.

Demografische gegevens

  • In Bosnië-Herzegovina woonden in juli 2008 iets meer dan 4 ½ miljoen mensen.
  • De bevolkingsgroei bedroeg in 2008 0,67%.
  • De gemiddelde levensverwachting is voor mannen 74,7 jaar en voor vrouwen 82,2 jaar.
  • Bevolkingsopbouw: 0-14 jaar 14,7% (Nederland 18,3%), 15-64 jaar 70,6% (Nederland 67,8%), 65+ 14,7% (Nederland 13,9%).
  • Bosnië-Herzegovina heeft een geboortecijfer van 8,8 geboortes per 1000 inwoners en een sterftecijfer van 8,5 per 1000 inwoners.
  • De zuigelingensterfte bedraagt 9,3 kinderen per 1000 levendgeborenen.