Erfrecht
Het Nederlandse erfrecht is geregeld in het 4e Boek van het burgerlijk wetboek. De term die de wet daarbij hanteert is de erfopvolging. Met deze term wordt uigedrukt dat de erfgenamen van de overledene, zowel zijn bezittingen als wel zijn schulden door het van aanvaarden van de nalatenschap erven. Het is echter ook mogelijk deze te weigeren. Ook is het daarin tegen mogelijk voor kinderen, wanneer diegene onterft worden, dit aan te vechten. Zij kunnen aanspraak maken op de zogenaamde legitieme portie. Dit is een deel van de nalatenschap waarvan de wet bepaalt dat kinderen, ook al zijn ze onterft, er altijd aanspraak op kunnen maken. Om vast te leggen wie wat nagelaten wordt, zal een notaris een testament opmaken. De langstlevende echtgenoot en de kinderen zijn erfgenamen van de langstlevende ouder (langstlevende testament)
Dan is er nog het successierecht, dit is de belasting die geheven wordt op een schenking van een overledene. De belasting kan oplopen tot 68% van de verkrijging. Sommigen vinden dit te ver gaan en pleiten voor afschaffing van deze 'death tax'. Echter, welk percentage wordt ingehouden is afhankelijk van de relatie tot de overledene. Maar ook van de gedane schenking, kleinkinderen van een overledene betalen een ander percentage dan de kinderen.Ook is er tot een bepaald bedrag mogelijkheid tot vrijstelling van successierecht.
